Ze geeft me een stevige hand en vraagt of ze haar schoenen uit moet doen. Ik zeg haar dat ze dat zelf mag weten, maar dat het niet hoeft. Ze houdt ze aan en volgt me naar de praktijkruimte. Ze vraagt me waar ze mag gaan zitten. Ik zeg haar wat mijn stoel is en dat alle anderen tot haar beschikking staan. Ik vraag haar wat ze wil drinken. Ze ziet mijn kop thee op tafel staan en zegt “Doe mij ook maar thee”.

Het gaat niet goed met Anne

Het gaat niet goed met haar oudste dochter. Anne is 9 jaar en heeft veel moeite met rekenen. Moeder denkt dat ze Anne af en toe van school zou moeten kunnen houden, omdat ze makkelijk overprikkeld is en dan geen energie meer heeft om op te letten. School vindt dat Anne een deel van haar activiteiten na school zou moeten opgeven, omdat haar dit teveel energie kost. Tussendoor meldt ze dat ze erg veel moeite had met de verhuizing van een paar jaar geleden naar een nieuwe stad en dat ze zich verloren voelt. Maar weer terug naar Anne. Of ik haar kan helpen? Ze is hoogsensitief en moet leren aarden. Dan komt alles vast goed.

Ruimte

Het duurt zeker twintig minuten en ik laat haar. Ik geef haar de ruimte haar hart te luchten. Ik geef haar de ruimte te landen. Ze is zeer gespannen. Haar ademhaling zit hoog, ze heeft rode vlekken in haar nek en friemelt aan haar ring. Ik luister naar haar en probeer te horen wat ze zegt. En ik probeer te horen wat ze niet zegt.

Als ze op een moment stil houdt en een slok van haar thee neemt, vraag ik haar hoe het met haar gaat. Ze gaat door met waar ze net gebleven was. “De leerkracht lijkt gewoon niet te begrijpen dat ballet en muziek belangrijk zijn voor Anne en dat dit haar juist energie geeft.” Ik onderbreek haar. “Maar hoe gaat het met jou?”

Hoe gaat het met jou?

Ze verslikt zich nog net niet in haar thee en kijkt me met grote ogen aan. Ik zie opeens een bang meisje in haar blik. Ze is duidelijk niet op haar gemak en vraagt me met een gefronst voorhoofd wat ik bedoel. “Ik wil graag weten hoe het met jóu gaat.” zeg ik haar. “Maar ik ben hier niet voor mezelf, ik ben hier voor Anne. Als ik had geweten dat je zou gaan wroeten, had ik een ander gebeld. Ik heb hier echt geen zin in.”

Het gaat  om haar

Nog voor ik er erg in heb, staat ze op en loopt naar de gang. Ik volg haar rustig. In mijn hart schrik ik van haar reactie, deze zag ik niet aankomen. Tegelijkertijd voel ik absoluut niet de neiging haar ergens van te overtuigen. Het gaat om haar. Maarja, om haar nou zomaar weg te laten lopen, is ook vreemd.

Terwijl ik inwendig een kleine pingpongwedstrijd hou, draait ze zich opeens om. Ze kijkt me aan en veegt een traan weg. “Mag ik volgende week terugkomen en je vertellen hoe het met mij gaat?”

 

-wordt vervolgd-

 

 

 

 

 

 

Als het niet over het kind gaat (I)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.